Verzorgende

Je helpt een patiënt waar je kan tijdens de verzorging. Hierbij is het belangrijk dat je oog hebt voor de persoon in zijn geheel.


Wat doe je?

In je werk als verzorgende staat centraal dat je elke patiënt tijdens de verzorging ondersteunt op de vlakken waarop deze dat zelf niet (meer) kan. Je waarborgt hiermee de maximale redzaamheid van de zorgvrager.

Als verzorgende werk je met verschillende type zorgvragers. Je zorgt bijvoorbeeld voor (chronisch) zieken, kinderen, gehandicapten of ouderen. Dit kan in erg verschillende situaties: bij de patiënt thuis, in ziekenhuizen, rust- en verzorgingstehuizen.

Je opdracht houdt een integratie in van zorg voor de algemene persoon, voor het lichamelijk functioneren, voor het sociaal en psychisch welzijn en het woon- en leefklimaat.


Dit betekent:

- Je biedt hulp bij alle activiteiten van het dagelijkse leven die door de zorgvrager niet of slechts
  gedeeltelijk vervuld kunnen worden. Bijvoorbeeld bij het wassen, het aan- en uitkleden, eten,
  boodschappen doen, koken, strijken
- Je begeleidt de zorgvrager bij de medicatie-inname, je past EHBO toe
- Je biedt een luisterend oor en bouwt een vertrouwensrelatie op met de patiënt. Je onderhoudt
  contacten met het sociaal netwerk (dokter, familie, verpleegkundige, maatschappelijk assistente van
  de mutualiteit).
- Je bent verantwoordelijk voor het creëren van een aangenaam woon- en leefklimaat. Je verzorgt het
  onderhoud van de woning/kamer, maakt het bed op.

Als verzorgende heb je niet alleen verplichtingen naar de zorgvrager toe, maar ook naar de eigen organisatie, zoals bijvoorbeeld het verzorgen van de interne communicatie, het opbouwen van de eigen deskundigheid, het onderhouden van de administratie en het bieden van kwaliteit.


Past het bij je?

Als verzorgende moet je geduldig luisteren naar mensen en je inleven in hun problemen. Vaak zijn ze ernstig ziek, hebben ze pijn of weten ze dat ze niet lang meer te leven hebben en hebben ze behoefte om daar met iemand over te praten. Je moet kennis hebben van bepaalde ziektebeelden en hiermee rekening houden in je dagelijkse werk. Bijv. aangepaste maaltijden koken voor hart- of diabetespatiënten, je gedrag aanpassen aan dementen of psychiatrische patiënten.

Naast je zorg voor de patiënten zelf, heb je ook te maken met familie, vrienden en andere hulpverleners. Je houdt dan ook van sociale contacten.

Door de afwisseling in je takenpakket en de verschillende vragen en situaties van de patiënten, moet je goed kunnen plannen, prioriteiten weten te stellen. Je moet ook je eigen waarden en normen kunnen loslaten en je afstemmen op de behoeften van de zorgvrager.

Omdat je af en toe een verslag maakt van je werk (voor de verantwoordelijke van de dienst, de dokter of kinesist), moet je je schriftelijk ook duidelijk uit kunnen drukken. Je observeert en rapporteert.


Kortom, je moet:

- Sociaal zijn
- Communicatieve vaardigheden hebben
- Organisatietalent bezitten en vindingrijk zijn
- Aansporen tot zelfredzaamheid, niet alles uit handen willen nemen
- Kunnen samenwerken met andere zorgverstrekkers
- Leed van anderen kunnen loslaten


Waar werk je?

Als verzorgende kan je tewerkgesteld worden in ziekenhuizen, rust –en verzorgingstehuizen, de thuiszorg, de gehandicaptenzorg en de kinderopvang.

De arbeidsomstandigheden kunnen erg verschillen volgens de organisatie waarin je werkt. In de thuiszorg heb je bijvoorbeeld gewone werkuren, maar werk je steeds alleen. Je moet soms in zeer primitieve omstandigheden zorg verlenen.

In de ziekenhuizen en de rust- en verzorgingstehuizen werk je meer in teamverband en ligt de verantwoordelijkheid niet bij jou alleen. In deze instellingen kent men ploegensystemen, met nacht- en weekenddiensten.


Mogelijke instellingen

- Algemeen of psychiatrisch ziekenhuis
- Rusthuis of rust- en verzorgingstehuis
- Thuiszorgorganisatie
- Organisatie in de jeugd- en gehandicaptenzorg
- Kinderopvanginitiatieven


Welke opleiding volg je?

Er zijn verschillende opleidingswegen om als verzorgende te gaan werken.

Na het beëindigen van de volgende opleidingen kan je aan de slag als verzorgende:

- De opleiding ‘Verzorging’ (3de graad BSO)
- De opleiding ‘Kinderzorg’ (7de jaar BSO)
- De opleiding ‘Thuis- en bejaardenzorg’ (7de jaar BSO)
- De opleiding ‘Verzorgende in de rust- en verzorgingstehuizen’ in het Deeltijds
  Beroepssecundair onderwijs
- Polyvalent verzorgende in het secundair onderwijs voor sociale promotie of via de VDAB.